vrijdag 18 december 2009

Montréal, je t'aime

Begin deze week ben ik een dagje naar Montreal geweest. Met de bus, Montreal ligt hier zo'n twee en een half uur vandaan. En Montreal is leuk, want alles is er in het Frans. Het is de grootste Franstalige stad ter wereld, op Parijs na dan. Iedereen praat Frans, alle bordjes zijn in het Frans, het weer is er Frans en de kranten zijn er Frans.
Natuurlijk kon ik het niet laten om bij aankomst un café avec un croissant te bestellen, in Café bistro Mon plaisir. Het was heerlijk. De Europees-sterke bak koffie was een verademing vergeleken bij de grijze thee die je hier altijd krijgt. Formidable. Montreal doet sowieso Europees aan vergeleken bij Engelstalig Canada. Je krijgt er behoorlijke koffie, de architectuur is wat antieker en stijlvoller, en het barst er van de oude kerken. Maar misschien komt het ook wel omdat alles er Frans is. En dan niet op z'n Amerikaans, zo van Sil te play (met vet Amerikaanse tongval), maar bijna alsof je je in La France zelf bevindt.
Ik paste mij natuurlijk, zoals het een goed toerist betaamt, naadloos aan. Later op de dag heb ik ook nog een crêpe besteld, inclusief oui, non, en merci beaucoup. Dat in het geval er rap Frans teruggebrabbeld werd ik er niets meer van verstond en in geen enkele taal nog maar iets kon uitbrengen, is une futilité. En dat ik dan gauw iets in het Engels sputterde en ik dingen uitkraamde als 'I'd like to cay pash', nam ook niemand mij kwalijk.
Net als veel Canadese steden is ook Montreal een immigrantenstad. La ville is opgedeeld in verschillende wijken, met vanzelfsprekend een chinatown, maar bijvoorbeeld ook een joodse wijk. In laatstgenoemde buurt bezocht ik Schwartz's, een tentje bekend om de beste Montreal smoked meat van de stad. Bij Schwartz stond mij de volgende cultuurcatastrophe te wachten: zelfs een gewone baguette avec viande fumée wilde niet lukken. Althans, het bestellen lukte mij wel, maar na drie keer had ik nog niet door of de ober nou Frans of Engels praatte. Ik zou zweren dat het Spaans was. Enfin, zie une photo ergens hieronder voor het resultaat van mijn broodje met smoked meat. Of mijn smoked meat met een broodje.
Met gevulde maag begaf ik mij daarna naar de berg middenin het centrum, waar de stad zijn naam aan ontleent: le mont royal. Bovenop was het misschien een beetje koud, maar het leverde een mooi uitzicht op. Ook het oude haventje was erg leuk om te zien. Verschillende koepels en kerken dienden vroeger als baken voor uitgeputte zeelui als ze de haven van de stad naderden, meest in het oog springend de dame met uitgestrekte armen op de top van de Notre-dame-de-Bon-Secours. Ook ik kreeg een teken toen ik opkeek naar het beeld. De hemel brak open en ik wist dat ik moest beginnen aan mijn voyage terug naar huis.
Die werd erg leerzaam. Als je in l'autobus zit en er stappen nieuwe mensen in: claim je plek. Claim je plek, het kan je leven redden. Ik deed dat niet, en begreep pas waarom ik dat beter wel had kunnen doen toen de vrij stevige man (in Noord-Amerika noemen ze dat heel polite morbidly obese) naast me was komen zitten. Met nog een halve stoel over zat ik met mijn gezicht tegen de ruit gedrukt, en zo'n bus wiegt nogal. Zonder een kans mijn jas uit te trekken kreeg ik het warmer en warmer. Geen ruimte, geen vooruitzicht op wat dan ook. Het was penible. Hoewel, ik had nog één lichtpuntje. Vlak voor ik in de bus was gestapt had ik mijn thermoskan laten vullen met een laatste tasse de café, voor onderweg.
Nu had het iets ongemakkelijks om een dampende kan koffie open te draaien, terwijl alle mensen om mij heen dat niet hadden. Ik durfde niet. Laat staan in mijn eentje beginnen aan mijn gebakje (wat ik tegelijkertijd met mijn café had meegenomen), vooral omdat ik de meneer naast mij inschatte als iemand die juist erg van gebakjes hield.
Na enige wikken en wegen besloot ik dat ik, amper in staat te ademen, toch zieliger was dan hij, en ik draaide mijn kan open. Onmiddellijk begon om mij heen een gekuch op te zwellen. Ik zette door en met het kopje tussen mijn knieën schonk ik de koffie in en pakte ik mijn gebakje uit. Zo'n brownie-achtig ding, met witte chocola en iets met kokos ofzo.
De meneer naast mij kreeg het intussen zichtbaar moeilijk. Ik slurpte, de meneer keek op zijn horloge. Ik smakte, de meneer schommelde heen en weer. Onderhand moest heel de bus nu geroken hebben dat voorin iemand heimelijk een kopje koffie zat te drinken. Nog één keer schonk ik mijzelf bij, terwijl ik voelde hoe de meneer naast mij de hete koffie over mijn schoot vloekte. Genietend likte ik mijn vingers af. Te oordelen naar de stuiptrekkingen naast mij kreeg de meneer het nu echt zwaar.
Gelukkig verrees, na wat wel een eeuwigheid had geleken, uiteindelijk tot ons beider opluchting aan de horizon ons verlossende baken: Ottawa's houses of parliament. Het was vraiment une jour fantastique dans Montréal, met wederom veel o zo leerzame momenten.










Vanavond stap ik op een nieuwe busvoyage, richting la ville de New York, dus waarschijnlijk voorlopig even geen berichtjes. Ik wens al mijn trouwe lezers een heel joyeux noel en een jingle jolly merry christmas.

woensdag 9 december 2009

Nu dan. Écht.

Vandaag was het dan echt zover. Een dag met Severe storm watches en Winter storm warnings. School buses reden niet en iedereen die niet écht naar het werk moest werd nadrukkelijk aangeraden thuis te blijven. Het land ligt plat. Of in ieder geval de provincie. 20 tot 30 centimeter sneeuw met windvlagen van heb ik jou daar. Vanavond eten we bonen uit blik, bij kaarslicht, want het zou niemand verbazen als vanavond de stroom uitvalt. Het is eigenlijk maar te hopen dat we sowieso ooit ons huis nog uitkomen. Later meer over de nijpende situatie waarin ik me verkeer.
Ik heb nog ternauwernood de kans gezien enkele foto's te maken. Nu ga ik weer verder met het proberen mijzelf van een ijzige sneeuwlaag te ontdoen.









(dit ben ik)

dinsdag 1 december 2009

Eindelijk

Goed, het is misschien nog niet heel veel. En het blijft misschien ook nog niet heel goed liggen. Maar toch, het begin is er zullen we maar zeggen.

woensdag 25 november 2009

Recept van de dag: Poutine

Vandaag in Recept van de dag het onbetwiste hoogtepunt van culinair Canada: Poutine. Het gerecht komt oorspronkelijk uit de provincie Quebec, een Franstalig deel van Canada, dus spreek uit: poetin. De naam betekent volgens mij zoiets als 'een zootje' en dat is het ook. Je zou het de Canadese variatie op de Hollandse kapsalon kunnen noemen. Het is heel populair als lunch en je kan het halen in bepaalde fastfoodketens, maar vooral ook in krakkemikkige, frituurluchtwalmende, nogal goor uitziende busjes langs de kant van de weg, zogenaamde chipwagons. Veel mensen gaan tussen de middag even uit het werk naar zo'n karretje voor een lekker hapje poutine. Het is niet heel moeilijk om te maken.

Ingrediënten
Patat, lekker veel
Cheese curd, een handje
Gravy, een flinke schep

Bereidingswijze
Neem een bakje, bij voorkeur piepschuim (dat isoleert goed, voor als je het mee terugneemt naar kantoor) en vul dit flink met een schep patat. Laat patat lekker lang frituren, zodat deze goed bruin en hard wordt. Cheese curd is een soort onrijp voorstadium van kaas en ziet er wit en dik korrelig uit. Strooi dit flink over de patat. Giet de gravy (zeer vette jus, gemaakt met bijvoorbeeld kippenbouillon) daar weer over heen, zodat de cheese curd een beetje smelt en de jus flink in de patat trekt. Laat het geheel heel even staan zodat de smaken de kans krijgen aan elkaar te wennen, en slobberen maar.
Tip: voor extra lekker en gesmolten effect: vorm laagjes. Dus patat-kaas-jus-patat-kaas-jus, zodat kaas nog beter smelt en het nog lekkerder wordt.


donderdag 12 november 2009

Remembrance Day

Gisteren, op 11 November, was het in Canada Remembrance Day. Gelijk aan onze Dodenherdenking op 4 mei, worden dan alle oorlogsslachtoffers herdacht, op 11/11, om 11.00 uur (het einde van de eerste wereldoorlog). Aangezien Ottawa de hoofdstad is, was hier bij het monument een grote herdenking, onder andere in aanwezigheid van de Canadese minister-president, en, Prince Charles.
Prince Charles (he has magical powers) is namelijk voor een paar weken op bezoek in Canada, wat nog steeds onder de kroon van Elizabeth II valt. Ook hij was dus, met mevrouw Camilla, bij de herdenking.
De herdenking was erg mooi, heel druk bezocht overigens, met veel saluutschoten en overvliegende straaljagers. En natuurlijk werd Oh Canada, het Canadese volkslied, gezongen, en toen God save the queen, en toen nog een keer Oh Canada.
Na afloop van de herdenking werd ik voor de tweede keer in een week gehinderd in mijn weg. Bij het oversteken van de straat (ik was op de fiets) stapten twee motoragenten van hun motors de straat op en riepen dingen als 'Stay there folks' en, meer Hollywoodactieklassiekerwaardig: 'Do not cross the road! Do not cross the road!'.
Ik mocht dus niet oversteken en kort daarop zag ik waarom: een enorme colonne met zwaailicht en pantservoertuig kwam mijn kant op en toen ze langs me reden (op minder dan een meter afstand denk ik) keek ik zo door het open raampje recht in de snuit van Camilla, en daarachter Prince Charles.
Eerst een beer, nu Prince Charles, what's next!?

zondag 8 november 2009

Niagara photo

De fotoreportage vanuit Niagara falls.










The Niagara falls

Gisteren ben ik naar de beroemde Niagara falls geweest, met de bus, zo'n anderhalf uur rijden hier vandaan. De watervallen liggen aan het dopje Niagara falls, net op de grens tussen Canada en de U.S. and A. Het dorpje heeft er alles aan gedaan het ons toeristen flink naar de zin te maken. Zo zijn er, behalve de lading hotels, een fijn casino-resort, een mini-CN tower, voldoende culinaire gelegenheden en een klein reuzenrad. Niagara falls is een heerlijk circus.
Eén van de top-attracties die de watervallen zelf te bieden hebben, is The maid of the mist, het nostalgische radarbootje wat tot aan de voet van de watervallen vaart, dwars door de mist. Dat wilde ik wel meemaken. Echter, ik kwam er gauw genoeg achter dat dat niet ging gebeuren. Want vanzelfsprekend, en ik had het kunnen weten: rond 7 november is het natuurlijk winterseizoen, en is ook in Niagara falls alles potdicht.
Het mocht mijn pret niet drukken, want mijn dag zou fenomenaal worden. De watervallen zijn adembenemend en majestueus, en als dan ook het weer meezit (stralend, bijna warm), wil het wel.
De watervallen zijn grofweg onderverdeeld in twee delen. Je hebt de Amerikaanse watervallen, een breed, gaaf ding, dat uiteenspat op enorme rotspartijen, maar de meest beroemde en adembenemendste en majeustueuestste zijn, natuurlijk, die van Canada. The horseshoe falls, zoals ze liefkozend worden genoemd, lopen in een ronde vorm (je zou haast 'hoefijzerige vorm' kunnen zeggen, als dat niet een volslagen maffe term was geweest) en vallen in een grote diepte sierlijk naar beneden. Laatstgenoemde waterval is gigantisch.
Nee even serieus, echt heel erg indrukwekkend. Volgens de folders gaat er geloof ik 600 duizend miljoen kubieke meter water per seconde naar beneden, en dat hoor je. Rondlopend bij de Niagara falls heb je constant het idee dat er een vliegtuig naast je opstijgt. Hoe dan ook, ze zijn prachtig, en ik raad bij deze iedereen aan ze ooit in hun leven te bekijken. En dan 's avonds, alsof alles nog niet genoeg was, worden ze nog verlicht ook. De meest uiteenlopende, fabelachtige kleuren worden op de waterpartijen afgevuurd, wat het geheel tot een sprookjesachtig tafereel maakt.
Op de terugweg naar mijn bus (ik was intussen aan het rennen, want ik was natuurlijk te lang bij de vallen blijven hangen, ik wilde er niet weg) werd ik nog even gehinderd door afzettingen met bordjes Fireworks, 10:00 PM, wat mij irriteerde. Het was toen net na zessen: ik zou dat vuurwerk toch missen.
Maar nee, alles bleek slechts een voorbode om mijn dag nog fenomenaler te maken. Terwijl ik om de omheining liep steeg er, totaal volledig onverwachts, om mij heen een meest oogverblindend mooi vuurwerk op: het was per ongeluk expres te vroeg aangestoken, voor mij, daar ben ik vrij zeker van.
Mijn dag had waarschijnlijk niet optimaler kunnen uitvallen, en intens gelukkig stapte ik in mijn bus naar Toronto.

vrijdag 6 november 2009

Toronto

Jaaaaa, Toronto. Stad van skyscrapers en van streetcars, stad van multiculture en van neighbourhoods. Van Chinatown en Little Italy, van Greektown en the gay village. Stad van de zakenman en de oppurtunist, van de CN tower en... de CN tower. Financieel hart van Canada.
Even de feiten op een rijtje. Toronto ligt op een kleine 5 uur met de trein vanaf Ottawa, op een afstand ongeveer gelijk aan Rotterdam-Parijs. Met 2,5 miljoen inwoners de vijfde grootste stad van Noord-Amerika en de 8,1 miljoen mensen in het stadsgebied eromheen vormen een kwart van de gehele Canadese bevolking.
But what about the people of Toronto. What is them? Who do they? And why? Nou, mensen in Toronto zijn hip, want ze leven in een grote stad. Velen zijn Chinees en velen lopen in pak, want in Toronto wordt het geld gemaakt.
In veel opzichten is Toronto een beetje een klein New York. Er zijn wolkenkrabbers, maar dan minder, de verschillende buurtjes en wijken, de metrotreinen lijken hetzelfde, Bloor street is een mini-Fifth avenue en ze hebben zelfs een klein Times square.
Behalve dan de CN tower, die is natuurlijk afgekeken van Rotterdam. De glorieuze CN tower, gebouwd in 1975, was met 533 meter lange tijd het hoogste gebouw ter wereld, en op 447 meter heeft het 's werelds hoogste uitkijkpunt. Inderdaad erg mooi zo hoog, zie Toronto Photo voor foto's (coming soon).
Een andere leuke plek om te zijn in Toronto zijn de eilandjes ten zuiden van het centrum, in het gigantische Lake Ontario. Een ferry vaart heen en weer, vooral in de zomer, want Toronto Islands is eigelijk een groot pretpark. Je kan er zwemmen, fietsen huren, naar het strand en in de achtbaan. Maar ook in de winterperiode (rond 6 november) is het er leuk: er is dan geen hond te bekennen, behalve de paar mensen die er wonen, dus ben je alleen op een uitgestorven eiland aan de voet van de Torontse skyline en struin je over het verlaten strandje. Op het laatst hollen naar de ferry, want die vaart deze winter niet meer dan eens in de 2 uur. Toronto is te gek.
Houd dit blog in de gaten, want binnenkort meer... Toronto.

maandag 2 november 2009

zondag 1 november 2009

The Rocky Horror Picture Show

Gisteren was het Halloween en dat is hier in Noord-Amerika heel belangrijk. Huizen worden versierd met spinnenwebben, pompoenen, skeletten en nepkerkhofjes in de voortuin en kinderen verkleden zich griezelig en eng. 's Avonds lopen dan de straten vol en gaan alle kinderen de huizen langs voor Trick or Treat, wat er op neerkomt dat ze snoep krijgen. Doel is dan ook om zo veel mogelijk zoetigheden te ontvangen, het liefst meer dan vorig jaar.
Maar ook oudere Canadezen zijn dol op Halloween. Ook volwassenen steken zich in de meest bonte verkledingen, van de standaard Dracula en spookbruid, tot Mexicaanse griep- en Bushcreaties. Het lijkt erop alsof de Canadees eindelijk, voor één keer in het jaar, gek mag doen en uit het standaard, degelijke en behoorlijke leefpatroon mag stappen.
In het Mayfairbioscoopje draaide gisteravond tot drie keer toe The Rocky Horror Picture Show, een komisch bedoelde rockopera en horrorsatire uit de jaren '70. Over een stel dat in noodweer een lekke band krijgt en, vanzelfsprekend, aanbelt bij een spookkasteel. Uitgegroeid tot cultklassieker zo werd mij verteld, vandaar drie voorstellingen op Halloweenavond. Dus ik er naartoe.
De rij liep tot om de hoek van het gebouw, met mensen verkleed in veelal bizarre kostuums, zoals korsetten en netkousen, tot slechts kleine gouden glitteronderbroekjes. Kostuums van personages uit de film wist ik, want de film was een zogenaamde participatievoorstelling. Ik wist dat, dus had van te voren op internet opgezocht wat ik allemaal mee moest nemen aan rekwisieten uit de film. Kom je namelijk bij de bioscoop aan als nietsvermoedende bezoeker van een filmpje, krijg je genadeloos een grote rode 'v' op je voorhoofd getekend: dan ben je dus duidelijk een virgin. Ik liet me dat niet gebeuren en kwam keurig aan met onder andere zakje rijst en een krantje.
Eenmaal in de zaal joelde iedereen. Zo van 'One, two, three, Start the f***ing movie' en dat soort kreten. De toon was gezet. Want iedereen had wel zin in the Rocky Horror Picture Show. Nadat het zaallicht uitging hield het geschreeuw en gejoel niet meer op. Vooral de twee figuren naast mij, met pruiken en schmink en al, wisten van geen ophouden. Ze bleken later de meest die-hard Rocky Horror fanaten van de hele zaal te zijn. Met perfecte timing wisten ze net vóór zinnen van personages een bepaalde opmerking te roepen, zodat de meest bizarre mono- en dialogen ontstonden. De hele zaal genoot volop mee van alle schuine en grove commentaren die op ieder shot werden gegeven, die veelal iets uitermate seksueels impliceerden. De film, vreselijk maf en absurd, ging dan ook voornamelijk over travestie (hoofdpersoon Frank 'n Furter was een Hedonist Sweet Transvestite from Transexual Transylvannia). Het publiek wist wel raad met de thematiek en ging helemaal los.
Dan heb ik nog niet verteld over de rekwisieten, die op bepaalde momenten in de film werden ingezet. Zo deed iedereen toen de personages uit de auto in de regen stapten een krant boven het hoofd, en sommigen simuleerden met waterpistooltjes de regen. En toen er rijst werd gegooid bij de bruiloft smeet iedereen handenvol rijst om zich heen. Verder vlogen er nog confettiwolken, kaarten en wcrollen door de zaal, en geroosterde boterhammen, toen de personages een 'toast' uitbrachten. De biscoopzaal was een slagveld.
En zo hadden de Canadezen dus inderdaad weer hun jaarlijkse moment gehad, waarop ze eindelijk is gek hadden kunnen doen, zich raar hadden kunnen verkleden en very, very rude hadden kunnen zijn.
Geïnteresseerd? Bekijk vooral eens de Rocky Horror fansite!

Halloween photos

Hier nog enkele griezelige Halloweenhuizen.
(Die eerste woon ik. Aan de linkerkant.)



dinsdag 27 oktober 2009

Hockey photos

Hier nog enkele foto's van het hockey zondag. Af en toe een beetje
bewogen, maar ja, het ging ook allemaal zo snel.




zondag 25 oktober 2009

Ottawa 67's vs. Saginaw Spirit

Vandaag ben ik naar een hockeygame geweest, hier om de hoek, in het stadion van de Ottawa 67's. Een hockeygame bijwonen is sensationeel. Het begon al toen ik het stadion binnenkwam, waar het pikkedonker was, en de spelers onder begeleiding van volgspots en knallende muziek de baan op zoefden.
Een hockeygame bestaat uit 3 periods van 20 minuten, met daartussen een kwartiertje pauze. Dat is zuivere speeltijd: als het spel onderbroken wordt, wat aan de lopende band gebeurt, wordt de klok stilgezet. Bij wissels bijvoorbeeld, als de wisselspelers als azende beesten over de boarding het ijs op springen, terwijl een orgeltje of een trompettist een vrolijk deuntje speelt. Soms wordt er omgeroepen welke zitplaatsen een dvdspeler hebben gewonnen.
Intussen valt er genoeg te zien. Er zijn natuurlijk de cheerleaders, die met korte rokjes, glanzende haren en van die glitterbollen dansend het stadion rongdgaan, en er zijn mascottes: in kippenpak, een pak in de vorm van een puck en in wasbeerpak. De laatste vuurt met een soort handkanon broodjes het publiek in, die wanneer ze het dak raken uiteenspatten in een regen van brood, vlees en mosterd. In de pauze wordt iemand uit het publiek geblinddoekt het ijs opgebracht en moet dan de puckmascotte aan de andere kant van de baan zien te vinden terwijl het publiek aanwijzingen geeft door te joelen en te juichen.
Je kunt natuurlijk ook wat de eten of te drinken halen in de de ring buiten de arena, wat de meeste Canadezen doen. Deze ring staat volledig in het teken van frituurlucht. Doughnuts, allerhande gebraden vlees en zweet vormen een zure lucht te goor voor woorden, met de zon erop ziet de ruimte blauw van de walmen.
Maar ook op de baan gebeurt van alles. Binnen een paar minuten hadden we al een eerste official fight te pakken. Plotseling deden twee spelers hun handschoenen en helmen af, Rocky's Eye of the tiger werd opgezet en de spelers begonnen als bezetenen zo hard mogelijk met hun handen tegen het hoofd van de ander te slaan. De scheidsrechters deden een stapje terug, niet van plan dit spektakelstuk de onderbreken, en beide teams veerden op uit de dug-out, allen gespannen toekijkend. Pas toen de spelers elkaar meppend op de grond sleurden doken de referees er (letterlijk) op en kregen ze plots een penalty.
Het publiek vindt het prachtig. Een hockeyspeler mag namelijk zo'n beetje alles: ze duwen, stompen, slaan, haken met hun sticks, smakken tegen elkaar aan en beuken elkaar de boarding in. De jongens (van 21 tot 15 jaar) schaatsen fenomenaal, maar nog fenomenaler helpen ze elkaar bijna om zeep. Ik heb mijn ogen uitgekeken.
Aan het eind van de middag verlieten alle Romeinen voldaan hun Colosseum, na weer een mooie middag brood & spelen.
Uitslag: 5-2 voor de Spirits.

woensdag 21 oktober 2009

vrijdag 16 oktober 2009